donderdag 2 februari 2012

gastblog

Ik schreef een gastlog voor Imazed. Voor alle schrijfliefhebbers een (nog groeiende) site waar geschreven wordt over schrijven.

Het is woensdagochtend. De eerste yogales van 2012 gaat van start. De paarse matjes liggen naast elkaar op de houten vloer. De een zit op een meditatiekussen, een ander op een paar blokken of gewoon op de mat. Onze juf leest een prachtige tekst voor over pelgrimeren en vraagt ons waar wij dit jaar naar toe willen reizen in ons leven. Ik luister naar de verhalen om me heen. Ik heb geen behoefte aan goede voornemens. Ik vertel over de schrijfprojecten van vorig jaar waarop ik in januari wil terugkijken voordat ik nieuwe plannen maak. Voor ik het weet, gaat het gesprek over dagboekschrijven.

“Dan schrijf je toch alleen maar de dingen van de dag op?” “Na twee maanden schrijven verdwijnt het meestal in de hoek, dat dagboek.” Het zijn de oordelen die ik zo vaak hoor. Ik snap ze heel goed, maar voor mij is dagboekschrijven niet het maken van een lijstje met de dingen van de dag. Het is ook niet eindeloze klaagzangen op papier zetten of boekjes maken voor de achterblijvers als ik dood zal gaan. Maar wat is het dan wel? Een dagboek is de plek om bijvoorbeeld te spelen met woorden en beelden, om geheimen te bewaren, om te reflecteren, om buiten de lijntjes te kleuren, om dwars te liggen of om de naakte waarheid te schrijven. Het is dus veel meer dan het beschrijven van mijn dag. In mijn dagboek kijk ik naar het leven om mij heen, maar ook naar het leven in mijzelf.

Het creatief schrijven is daarbij een prachtig hulpmiddel. Eigenlijk is alles bruikbaar: freewriting, monologen, dialogen of bijvoorbeeld (onverstuurde) brieven. Lange teksten wissel ik af met een elfje, een haiku of een rondeel. Natuurlijk schrijf ook ik wel eens lijstjes of maak ik woordwebben. Soms schrijf ik doelbewust over een bepaald onderwerp. Andere keren volg ik de associaties die tijdens het schrijven boven komen en laat ik mezelf verrassen. Het gaat eigenlijk nooit over het product (een mooi verhaal, een prachtig gedicht), maar het is altijd een ruwe versie. Zo’n ruwe versie ontstaat ook door in hoog tempo te schrijven gedurende een aantal minuten, niet te letten op spelling en grammatica en vooral door tijdens die minuten niet te stoppen met schrijven. Door het gebruik van al die verschillende schrijfvormen, blijf ik ook lol houden in het dagboekschrijven. Het stelt me tevens in staat om dat wat nog niet zichtbaar is vorm te geven. Dagboekschrijven kan dus zoveel meer zijn dan het beeld dat de meeste mensen ervan hebben.

Een ander vooroordeel dat ik vaak hoor is dat je elke dag zou moeten schrijven. Wanneer je jezelf die eis op zou leggen, dan neemt het risico dat je het niet vol gaat houden toe. Een paar keer per week schrijven, geeft meestal al een heel goed beeld van alle dingen die mij bezig houden. Het schrijven hoeft ook niet veel tijd te kosten. In 10 tot 15 minuten kan ik al heel wat kwijt. Probeer het maar eens. En lees je teksten ook eens terug en als je van een uitdaging houdt: doe dat dan eens hardop. Niet om te horen hoe krom je zinnen zijn, maar om te kunnen voelen waar je eigen tekst je raakt. Onderstreep dat woord of die zin want daarmee heb je dan ook direct weer een nieuw schrijfonderwerp te pakken.

Creatief (en reflectief) schrijven kun je dus prima combineren met een dagboek. Het is voor mij een onderwerp waar ik nooit op uitgekeken raak en waar ik graag over schrijf.

Geen opmerkingen: