donderdag 29 maart 2012

wel willen, niet kunnen

Als een soort schaduw sleep ik mijn dagboek met me mee. Samen met mijn pennenmapje verdwijnt het in tassen, ligt het op planken en traptreden. Ik sleep het zelfs mee naar plekken waar mijn dagboek anders nooit zou komen, maar van schrijven komt het niet. En als ik dan eindelijk besluit om 's middag even in de zon met een beker thee aan de tuintafel te gaan zitten, gaat de telefoon. "Daar gaat mijn schrijftijd", is het eerste wat ik denk. Een kwartier later zit ik weer aan tafel, lees een hoofdstuk in dit juweel om er eindelijk eens wat schrijfoefeningen uit te maken en dan gaat weer de telefoon. Het antwoordapparaat draait deze weken al overuren en het is het beste om gelijk op te nemen omdat het anders een gevalletje voicemaildialogen wordt. Uiteindelijk komt er een kort lijstje op papier, maar het is minder dan ik in gedachten had.

Tijdens de afgelopen weken heb ik gemerkt hoe ik hunker naar schrijftijd, maar tegelijkertijd zie ik ook dat het me niet lukt om vaker dan één keer per week te schrijven. Ik zou zo graag meer willen, maar de kostbare kinderloze uren gaan op aan geregel, boodschappen doen, overleggen en andere noodzakelijke zaken. 's Avonds heb ik de puf niet meer om ook nog maar een letter op papier te zetten en gaat vroeger dan normaal het licht uit. Omdat ik weet dat het eind van deze hele roerige periode in zicht is, lukt het me om het hele proces te nemen zoals het is. Er zijn geen oordelen over het niet-schrijven, wel de constatering dat dat zo is.

Zo sta ik erin, maar het vraagt ook om onderzoek. Want objectief gezien zijn er genoeg momenten waarop ik kan schrijven. Ik zie die momenten wel, maar krijg het niet voor elkaar. Door af en toe eens van een afstand te kijken naar wat er gebeurt op zo'n moment word ik me bewust dat ik een zekere mate van innerlijke rust nodig heb om te schrijven. Dat is nu juist wat er zo ontbreekt. Als ik ga zitten, schieten me allerlei dingen door het hoofd die ik nog moet doen. En dus volg ik die impulsen, bang om het weer te vergeten. Natuurlijk zou ik dat dan ook op kunnen schrijven en de actie dus uitstellen. Maar dat doe ik niet. Ik voel het vertrouwen dat de rust weer terug zal komen en de letters weer over het papier zullen dansen, alleen weet ik nog niet wanneer.

2 opmerkingen:

De Boomhut van Heidi zei

Sinds een paar weken schrijf ik elke ochtend drie 'ochtendpagina's' (morningpages) zoals Julia Cameron van het boek The Artist's Way het vroege schrijven noemt. Ik vind het heerlijk om te doen en krijg van dit regelmatige schrijven veel energie en ideeën. De ochtend is zo'n zuiver moment: zingende vogels, een stil huis, een dag vol mogelijkheden voor je en de telefoon gaat nog niet (want wie zou je bellen om zes uur 's ochtends?) Elke avond voor het in slaap vallen verheug ik me weer op mijn vroege schrijfsessie. Als de wekker gaat is het wel even slikken, maar het vooruitzicht is fijn en de moeite waard om die warme deken van me af te gooien...

Heldinne zei

Ik wou ook zeggen: wekker een kwartiertje eerder en Morning Pages! Blijft de hele dag doorwerken, heb je toch even duidelijk prioriteiten gesteld. Schrijven Komt Eerst.