zondag 23 december 2012

over het gebed

En indien je luistert in de stilte van de nacht, zul je hen in stilte horen zeggen...

***

Toen ik nog op de lagere school zat, vele jaren geleden, zat de kerk afgeladen vol. Elke zondag weer. Terwijl het kinderkoor zong, liet ik het knielmatje wiebelen aan het haakje voor me. De kunst was om het zo te laten bewegen zonder op mijn vingers getikt te worden. Af en toe kwam er een lied voorbij dat ik uit volle borst mee kon zingen, maar de rest van de tijd was het toch vaak stil zitten. Dat mensen na het halen van de hosti stil zaten met hun ogen dicht was iets magisch. Want wat was dat bidden nu eigenlijk? Wat zeiden die mensen in zichzelf? Mochten ze ook gewoon stil zijn? Het waren geen vragen die ik hardop stelde. Het was misschien ook wel niet op prijs gesteld als ik het gevraagd had, maar ik was er wel nieuwsgierig naar.

Jaren later verbaasde ik me erover dat ik vele teksten zo kon meedreunen zonder ooit over de inhoud te hebben nagedacht. Daar waar ik in mijn puberteit als enige nog van mijn gezin regelmatig in de kerk was te vinden en het de gewoonste zaak vond, werd dat naarmate ik ouder werd steeds minder vanzelfsprekend. Ik leidde het kinderkoor, ik maakte deel uit van de werkgroep gezinsvieringen en trouwde ook voor de kerk. Maar toen dat allemaal langzaam weg viel, kwamen de twijfels. Sommige gebeden zei ik hardop, andere sloeg ik onder allerlei gedachten van verzet over. Het was het punt waarop ik de kerk steeds en steeds meer achter me liet. Maar kun je het werkelijk achter je laten?

Ja, zegt de ene kant van mij. Nee, zegt de andere kant. Ik heb het instituut officieel verlaten. Ik heb me uit laten schrijven. En hoewel zo'n daad misschien lijkt op een definitieve breuk, lees en herlees ik graag de boeken van bijvoorbeeld Miek Pot, Willigis J├Ąger, Suzanne van der Schot en Agnes Holvast. Ze maken veel duidelijk van wat ik nooit duidelijk zou hebben gekregen als ik er gebleven was. Dat de regels toch dieper zaten dan verwacht, daar kwam ik pas achter toen ik zelf het "Wees gegroet Maria" ging herschrijven in mijn pelgrimsboeken in navolging van Kirsten Nottens Maria's dochter. Aarzelend kwamen de eerste woorden op papier, want wie was ik dat ik zo'n gebed herschreef. Maar juist dat bidden op papier maakte dat ik me meer dan ooit verbonden kon voelen en toch mijn eigen weg kon bewandelen ook al was ik "het" geloof verloren.


Voor meer verhalen "over gebed" of voor informatie over de Profeet en de muziek ga je naar Heldinne's Reis.

1 opmerking:

K. zei

Dank je wel dat je dit met ons wilde delen. Je geloof is persoonlijk, JOUW geloof. Niemand kan 'voor' jou geloven. Het is jouw relatie, met God. Liefs, Karen