maandag 25 februari 2013

luchtkasteel: week 7 - de omgekeerde w.c.

Ook bij dit hoofdstuk voel ik dat ik maar een deel aan kan raken in een week tijd, terwijl ik meer zou willen. Er is eenvoudig niet genoeg tijd om het echt helemaal uit te werken. Ik troost me met de gedachte dat ik later altijd weer terug kan keren naar deze ruimte.

In het boek staat een prachtig plaatje van een ruimte die vergelijkbaar is met een wc. De wc-pot is vervangen door een stoel. Maar hoe meer ik in deze ruimte verkeer hoe meer ik ervaar dat het voor mij eigenlijk niet zo'n kleine ruimte is. Het is meer een grote kamer met een aantal verschillende deuren, die leiden naar zijkamers. De ene deur staat in verbinding met yoga, een ander met meditatie, weer een ander met schrijven en er is zelfs een deur naar buiten. Die buitenruimte hoort ook bij de omgekeerde w.c. omdat wandelen in de natuur voor mij ook een toegang is tot het observeren van gedachten. Hoe die buitenruimte er dan uit ziet, dat is afhankelijk van mijn stemming. Ik moet een beetje denken aan het  Holo-deck (bekend uit Startrek). Ik sta dan bij de deur en zeg welk landschap ik wil hebben om in te dwalen. Vervolgens stap ik de ruimte binnen en dan is er zee, bos of een weidelandschap... wat ik maar wil. Hoewel de ruimte niet veel groter is dan de yoga- of schrijfruimte, zorgt de computer ervoor dat ik het gevoel krijg eindeloos te kunnen dwalen in dit Holo-deck.

Hoewel ik het eigenlijk wel wist, werd ik me de afgelopen week ook weer bewust van het feit dat ik niet altijd in woorden denk, maar vaak ook in beelden. De snelheid waarmee de beelden verschijnen en verdwijnen is niet bij te houden met de pen. Door te schrijven vertraag ik wel en komen er ook steeds meer gedachten in woorden naar boven, maar af en toe piept er dan toch weer een beeld te voorschijn. Ik probeerde het te omschrijven, maar kreeg daarbij meestal niet de juiste gevoelens en gedachten op papier. Bovendien dienen zich vaak alweer andere gedachten aan die het beeld dan weer overschaduwen. Bij het teruglezen van mijn geschreven gedachtenobservaties vond ik heel vaak incomplete zinnen terug, vaak zelfs gereduceerd tot een paar woorden. Ik las o.a. de lokvogel en de huismus, maar ontdekte ook een nieuwe soort: de Pijnboommees. Het is een piepklein vogeltje dat zich af en toe heel onverwacht laat zien. Het roept een lichaamsdeel en het woord "Pijn!" en is vervolgens weer verdwenen. Waar ik overdag pijn niet waarneem of lijk te negeren komt het tijdens het schrijven heel vaak naar boven: het bewustzijn van pijnlijke plekken in mijn lichaam. Schrijven brengt me dus niet alleen bij mijn gedachten, het stelt me ook weer in verbinding met mijn fysieke lichaam. Dat de pijnboommees niet schrijvend transformeert in een klaagvogel, is een wonderlijke ontdekking!


Geen opmerkingen: