maandag 27 mei 2013

gewoontedieren...

dag 3 | doorkijkje

Er is een wandelervaring die me nog helder voor de geest staat. Zo'n 10 jaar geleden liep ik iedere donderdag over het polderpad langs het water naar de bakker. Een flinke omweg, maar met een slapend kind in de kinderwagen een heerlijke manier om buiten te zijn en van de natuur te genieten. Tot die ene herfstige dag. Ik ging eerst naar de bakker en liep daarna de polder in. Ik draaide de volgorde dus om. Eenmaal langs het water was het zo mistig dat het zicht minder dan 50 meter werd. Nu moet je weten dat het smalle pad geen afslagen kent. Je kunt alleen maar rechtdoor. Hoewel ik dat wist, was er toch op een moment het gevoel van volledig verdwaald te zijn. Ik stond stil en voelde paniek. Het was er zo maar opeens, maar het gevoel was ook net zo snel weer verdwenen toen ik besefte dat ik gewoon op het smalle paadje wandelde. 

Wat heeft dit nu te maken met dagboekschrijven? Niets en alles. Als je steeds op dezelfde manier schrijft ontstaat er een gevoel van vertrouwdheid. Je kunt blindelings aan een paar regels schrijven beginnen zonder er al te veel bij stil te staan. Het schrijven kabbelt als het ware lekker door. Totdat je besluit om eens iets heel anders uit te proberen. Je begint met een onderwerp waar je in eerste instantie niets mee lijkt te hebben. Je doet een schrijfoefening die je nog nooit gedaan hebt of je krijgt een vraag waarop je niet meteen het antwoord weet. Je voelt je verdwaald, maar het brengt ook nieuwe inzichten met zich mee over jezelf of over het schrijven.

Daag jezelf dus eens uit. Doe eens iets wat je nog niet eerder hebt gedaan. Schrijf een gedicht, ervaar wat een marathon met je doet of speel met oude tijdschriften.

Geen opmerkingen: